Maak plaats voor rouw

geplaatst in: Dienst 3 | 2025 | 0

De kerk heeft een lange traditie als het gaat om het een plek geven aan rouw en verdriet. In onze samenleving is er weinig ruimte voor – mensen die niet naar de kerk gaan, hebben nauwelijks nog publieke plekken waar zij hun verdriet kwijt kunnen. Dit roept de vraag op: kunnen we als kerken weer meer die plek zijn waar ook niet-christenen en mensen uit de buurt rondom onze kerk een plek kunnen vinden om te rouwen? Als kerken kunnen we veel leren van ‘Rouwen & Vieren’: een initiatief dat een fysieke plek creëert om te rouwen en te vieren, toegankelijk voor iedereen.

 ‘Kun je niet iets maken voor rouw?’ De vraag werd gesteld aan Rikko Voorberg. Niet in een kerkzaal, maar tijdens een buurtsamenkomst in een mobiele bakkerij in Amsterdam-West. Terwijl er broodjes werden gebakken met buren, deelde een jonge vrouw haar verhaal. Een jaar eerder had ze haar dochtertje verloren. Het meisje had twee dagen geleefd. ‘Als haar naam wordt genoemd, ben ik gelukkig’, zei ze. ‘Als ik iemand hoor zeggen: jij bent toch ‘de moeder van’, dan breekt er licht door in mijn leven.’

Rikko leerde van deze jonge vrouw dat mensen lang niet altijd zitten te wachten op troost, maar wel een plek zoeken waar ruimte is voor hun rouw. Het is belangrijk om deze plekken te creëren. Hij ging hiermee aan de slag en bouwde een bijzondere plek: een tijdelijke  glazen ‘rouwkas’ midden op een plein in Amsterdam, in de donkere dagen van december. Een plek waar ruimte was voor rouw. En voor vieren: want rouw laat liefde zien. Zolang we rouwen, hebben we lief. Daarom heet het initiatief ‘Rouwen & Vieren’. Het vieren gaat hand in hand met het rouwen.

De eerste rouwkas

In de coronatijd werd de eerste kas geplaatst op het Mercatorplein in Amsterdam. Een glazen, doorzichtige kast van ongeveer 4,5 bij 6 meter. De kas werd ingericht als een warme plek voor degenen die iets of iemand missen. Binnenin de kas kon je drie dingen doen: een kaarsje aansteken voor wie je mist, iets in een gastenboek schrijven en/of een lint beschrijven met iets waar je ondanks alles dankbaar voor bent. Die linten werden in de bomen rondom de kas geknoopt. Zo ontstond er een tastbare plek voor rouw – én voor leven. Want liefde en verlies zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Persoonlijke ervaring

Toen ik las over dit initiatief, werd ik erdoor geraakt. Ik leef zelf in een gezin waar rouw al een paar jaar ons leven beïnvloedt na het sterven van mijn zwager. De impact ervan is groot. Dan gaat het niet alleen om het missen van iemand, maar ook om hoe het fysiek kan uitputten en hoe de glans van het leven onder een laag stof komt te liggen. Ik bedacht me: zou het ons geholpen hebben als er meer ruimte was geweest voor rouw? Ik zag het voor me, dat middenin ons dorp de rouwkas staat. Tijdens het boodschappen doen kan ik even naar binnen gaan. Een kaarsje aansteken. Een kort gebed. Opschrijven waarvoor ik dankbaar ben….

Ik vind ‘Rouwen & Vieren’ een mooi initiatief. Ik begrijp dat het kan helpen om rouw een plaats te geven in het maatschappelijke leven. Je creëert een ruimte waar mensen naartoe kunnen gaan, op een plek waar veel mensen komen. Waar je stil kunt staan bij de persoon om wie je rouwt, misschien even met de gastvrouw of gastheer erover kunt praten, zonder dat het hoeft – en zonder dat er gelijk woorden van troost worden gegeven. Zeker, woorden van troost zijn vaak waardevol, maar niet altijd passend. Want ook dat herinner ik me goed: de vele kaartjes met bemoedigende woorden, goedbedoeld, waren niet altijd passend.

Dit laatste was voor de initiatiefnemers ook belangrijk. Zoek niet meteen naar allerlei manieren om te troosten. Laat er eerst maar eens ruimte zijn om te rouwen. Dat is namelijk niet vanzelfsprekend meer in onze tijd. Onze cultuur biedt weinig handvatten om over verlies te praten. Rouw past vaak niet in onze volle agenda’s. Het is er wel, maar zelden wordt erover gesproken. Het blijft vaak verborgen.

Kerk en rouw

Als kerk kennen we een lange traditie als het gaat om een plek te geven aan rouw en verdriet, in de Bijbel is er veelvuldig aandacht voor. In de Psalmen klinkt klaagtaal. Jezus zelf weent om zijn vriend Lazarus. Maria, moeder van Jezus, hoort kort na zijn geboorte al dat een zwaard haar ziel zal doorboren. Rouw is geen dissonant in het geloof, maar hoort er helemaal bij. Maar is deze traditie nog steeds afgestemd op de tijd waarin we leven? Het voorbeeld van de rouwkas kan ons helpen om eens goed te kijken naar wat we als kerk doen. Hoe kunnen de kerken plek geven aan rouw, ook voor niet-christenen?

Wat bijzonder is aan ‘Rouwen & Vieren’ is dat het rouw zichtbaar maakt middenin de samenleving. Waar zijn in onze cultuur nog publieke plekken te vinden voor persoonlijk verdriet? Er is geen vaste taal meer voor, geen rituelen, geen vanzelfsprekende plekken. Rouw wordt vaak iets wat je binnenskamers moet verwerken.

Wat mooi is aan de transparante kas is dat het een plek van gemeenschap wordt. De initiatiefnemers delen dat er mensen binnenkwamen, alleen of samen. Ze staken een kaars aan, fluisterden een naam, schreven iets op. Soms ontstonden gesprekken. Soms bleef het stil. Maar steeds weer werd zichtbaar: verdriet verbindt. En rouw is liefde die een vorm zoekt.

De transparante kas is een plek van gemeenschap

Praktische mogelijkheden

We kunnen als kerk, misschien samen met andere organisaties, een rouwkas neerzetten op een centrale plek in het dorp of de stad waar we wonen. Het is belangrijk om te begrijpen dat ‘Rouwen & Vieren’ altijd ‘van niemand en voor iedereen’ is. Het is een mooie kans om samen te werken met anderen met wie je normaal gesproken niet altijd samen optrekt.

Het is goed dat we als kerk meer ruimte geven aan rouw en daarbij ook bewust aandacht geven aan de rouw die er is in de samenleving, zonder missie- of profileringsdrang. In al dertien steden stond afgelopen jaar ‘Rouwen & Vieren’. Iedereen die wil kan een team vormen en in samenwerking met de landelijke organisatie zo’n plek realiseren in de decembermaand.

Eeuwigheidszondag

Natuurlijk heeft rouw een plek in de kerkelijke liturgie. Het gebeurt op veel verschillende manieren. Op Eeuwigheidszondag worden namen genoemd van overleden gemeenteleden en worden kaarsen aangestoken. Wat zou het mooi zijn als we als kerken ons daarbij niet alleen richten op onze eigen gemeenteleden, maar de deur ook wagenwijd openzetten voor niet-leden. Bijvoorbeeld door in de weken voor Eeuwigheidszondag buren, vrienden of kennissen uit te nodigen.

Ook in het pastoraat is er veel aandacht voor rouw. ‘Rouwen & Vieren’ maakt ons ervan bewust dat we niet te snel troost moeten bieden. Dat het soms al voldoende is als de ander zich kan uiten. Niet oplossen, niet verklaren, maar meeleven. Nabij zijn zonder de ander te overstemmen. De jonge moeder zat niet te wachten op troost. Ze wilde erkenning. Dat vraagt van ons als kerken een cultuur van luisteren. Van het durven laten bestaan van verdriet.

Leren om verdriet te durven laten bestaan

De meerwaarde van de kerk

Wat de kerk uniek maakt in het begeleiden van rouw, is dat wij een boodschap van hoop en troost mogen uitdragen. We geloven in Gods nabijheid, juist in het diepste verdriet. ‘Rouwen & Vieren’ kan een prachtige aanvulling zijn op ons pastoraat, maar we hoeven ons niet te beperken tot alleen luisteren. Na het eerste luisteren en meeleven, mogen we ook de troost van het evangelie delen als daar ruimte voor is. De belofte dat God dichtbij mensen is die rouwen. We mogen hoop bieden. Niet als goedkope troost, maar als diepe overtuiging dat God meelijdt en dat de dood niet het laatste woord heeft.

Dit betekent niet dat we meteen met bijbelteksten voor de dag moeten komen. Maar wel dat we, na het luisteren en meeleven, ook mogen wijzen op Gods liefde. We mogen bidden met en voor rouwenden. En dat we de hoop van de opstanding mogen delen als dat op het juiste moment is. Zo wordt de kerk een plek van meeleven, van troost en hoop.

Enkele handreikingen:

  • Vraag mensen die rouwen: Wat mis je het meest?
  • Geef in het pastoraat ruimte om steeds opnieuw het verhaal te vertellen
  • Bied praktische plekken waar mensen iets kunnen doen – een kaars aansteken, een gebed opzeggen, een lint ophangen
  • Leer gemeenteleden dat ze niet hoeven te troosten, maar mogen meeleven
  • Geef mogelijkheden om de namen te noemen van personen om wie ze rouwen
  • Zorg voor een rouwplek in het publieke domein
  • Kijk wat je kunt doen om mensen die rouwen bij elkaar te brengen.

Hoe langer rouw duurt, hoe stiller het wordt

Maak plaats voor rouw, niet alleen bij begrafenissen of op Eeuwigheidszondag, maar ook op andere momenten. Want verdriet houdt zich niet aan agenda’s. Rouw komt in golven. En hoe langer het duurt, hoe stiller het wordt. Juist dán kan er behoefte zijn aan een gemeenschap die het uithoudt met wie rouwt – zonder snelle troost of gemakkelijke antwoorden.

Wat als kerken – net als het initiatief van ‘Rouwen en Vieren’ – durven te zeggen: ‘We maken ruimte voor rouw’? Dan wordt de kerk een plek waar het leven in al zijn diepte gevierd wordt. En waar we rouwen omdat we liefhebben.

Anko Oussoren is jeugdwerker in de Bron in Hardinxveld-Giessendam en adviseur bij Kerkpunt

Dit artikel is verschenen in Dienst 3 | 2025